Interventiemethodologie

Werkvormen

hoorcolleges en werkcolleges met groepsopdrachten

Vereiste voorkennis

Alle voorgaande methodologie cursussen

Leerdoelen

Kennis

-          De student kan het onderscheid tussen de empirische cyclus en de interventiecyclus beschrijven.

-          De student kan belangrijke aspecten van interventies in organisaties benoemen en beschrijven.

-          De student kan de rollen beschrijven die de onderzoeker of adviseur in een interventie kan aannemen.

-          De student kan aangeven wat de achtergrond, het doel en de toepassingsmogelijkheden zijn van enkele van de belangrijkste interventiemethoden.

Vaardigheden

-          De student kan symptomen en problemen onderscheiden.

-          De student is in staat de belangrijkste principes voor het faciliteren van groepsbijeenkomsten toe te passen.

-          De student is in staat een aantal interventiemethoden in een gesimuleerde situatie zelfstandig toe te passen.

-          De student kan het proces en de resultaten van een interventiemethode adequaat rapporteren in een werkboek.

-      De student kan een projectvoorstel ontwerpen en presenteren dat past bij een bepaalde probleemsituatie, de klantvraag bevat en een adequaat interventieplan.

Reflectie

-          De student kan op kritische wijze reflecteren op een probleem dat afkomstig is uit een praktijksituatie.

-          De student kan op een beargumenteerde wijze uit interventiemethoden kiezen.

-          De student kan kritisch reflecteren op het gebruik van een interventiemethode in een praktijksituatie.

Beschrijving

Deze cursus gaat in op methoden voor het interveniëren in organisaties. Interventies kunnen betrekking hebben op een of meer fasen van de interventiecyclus (diagnose, ontwerp, verandering en evaluatie). In de cursus staat het proces van interveniëren centraal: welke methoden zijn er voor een bepaalde fase beschikbaar, hoe kunnen we beargumenteerd uit deze methoden kiezen en welke resultaten levert het gebruik van een methode op? Bij de resultaten van een methode gaat het niet alleen om inhoudelijke uitkomsten (bijvoorbeeld een specifieke diagnose of organisatieontwerp) maar ook om procesmatige resultaten zoals het commitment van organisatieleden aan de uitkomsten.

In een interventie kan de onderzoeker of adviseur verschillende rollen aannemen. Belangrijk is of hij of zij zich meer als expert of meer als procesbegeleider/ facilitator opstelt. In de cursus gaan we ervan uit dat veel kennis en informatie in de hoofden van organisatieleden zit en dus eerst expliciet gemaakt moet worden. We gaan daarom verder in op de rol van de facilitator en de participatieve interventiemethoden die bij deze rol passen. De cognitieve psychologie en besluitvormingsliteratuur laten zien dat de menselijke verwerking van informatie selectief en beperkt is. Individuen vormen zogenaamde mentale modellen van hun omgeving en de problemen daarin. Iemands achtergrond en positie bepalen mede de mentale structuur die hij of zij van de omgeving opbouwt. Het mentale model fungeert vervolgens als een filter bij de selectie van signalen uit de omgeving en het toekennen van betekenis aan die signalen. Eenvoudiger gesteld: een productiemanager zal vaak vooral productieproblemen zien en een personeelsmanager personeelsproblemen. In de communicatie over organisatieproblemen kan dat ertoe leiden dat mensen zich niet herkennen in de probleemdefinitie van een ander, en het winnen van het debat de plaats van het integreren van visies inneemt.

Als problemen complexer worden, is het expliciteren en integreren van deze deelvisies onontkoombaar. De vraag wordt dan hoe we de meningen van sleutelfiguren over het probleem naast elkaar kunnen zetten en uit een geïntegreerd beeld een aanpak voor het probleem kunnen afleiden. Interventiemethoden zijn ontwikkeld om het proces van expliciteren en integreren van deelvisies te ondersteunen, met als doel zowel inhoudelijke als procesmatige resultaten te bereiken.

Tentaminering

 Schriftelijk tentamen +  werkstuk

Literatuur

Literatuur van voorgaande methodologie cursussen

Interventie methodologie reader

Artikelen


Vakcode
MAN-BCU019B
Studiepunten
6 ec
Niveau
Ba 3
Periode
Blok 1
Collegerooster opvragen
SWS / PersoonlijkRooster
Cursuscoördinator dr. M.H.F. Mc Cardle-Keurentjes

Docenten

Opgenomen in