Informatiesystemen

Werkvormen

  • 1 uur begeleid individueel project werk
  • 16 uur hoorcollege
  • 16 uur onbegeleid individueel project werk
  • 51 uur zelfstudie

Vereiste voorkennis

Het is handig als je al wat ervaring hebt met informatiemodellen. Dat kan bijvoorbeeld door het vak Modelleren te volgen (of een vergelijkbaar vak). Verder is het handig als je een beetje kunt omgaan met wiskundige definities. Het vak Wiskundige Structuren kan je daarbij helpen (of een vergelijkbaar vak).

Leerdoelen

In dit vak zul je leren hoe je het belang van formele methoden kunt beargumenteren. Daarbij is het belangrijk dat je de syntax en semantiek van informatiemodellen zodanig leert begrijpen, dat je complexe domeinen kunt modelleren. Vervolgens leer je om te redeneren over correctheid en consistentie van informatiemodellen. Als er fouten in het model blijven zitten, zal het resulterende systeem niet aan de verwachtingen voldoen! Ook compleetheid van de modellen is belangrijk. Incomplete modellen hebben namelijk tot gevolg dat bepaalde aspecten nog niet gemodelleerd zijn, waardoor we helemaal niet meer weten hoe het uiteindelijke systeem zich zal gaan gedragen.

Inleiding

Dit vak behandelt informatiemodellering, een essentieel onderdeel van systeemanalyse. Centraal staat de vraag hoe we op een nette en formele manier de syntax en de semantiek van informatiemodellen kunnen vastleggen. We gaan daarbij uit van de volgende eigenschappen. Het model heeft een formele onderbouwing, is op een conceptueel nivo, heeft een ruime expressieve kracht, is executeerbaar, leidt tot begrijpelijke en communiceerbare modellen, en is geschikt voor het modelleren van gegevensintensieve domeinen. Communiceerbaarheid is een belangrijke eis, omdat conceptuele modellen een cruciale rol spelen in de communicatie met domeinexperts.

Onderwerpen

  • De syntax en semantiek van informatiestructuren kennen.
  • Kunnen werken met populaties van informatiestructuren.
  • De syntax en semantiek van veel voorkomende constrainttypen kennen.
  • Verificatie: tegenspraken in constraints opsporen, uitleggen en bewijzen.
  • Meta modellen kunnen maken.
  • De relatie tussen context-vrije grammatica's en informatiestructuren kunnen beschrijven.

Toetsvorm

Studenten doen gedurende het kwartaal een individueel project, waarin zij de behandelde theorie toepassen en evalueren. Daarbij doen ze ook een voorstel tot verbetering of uitbreiding van de theorie. Het project moet resulteren in een projectverslag. Het eindcijfer voor deze cursus wordt bepaald op basis van dit projectverslag.

Literatuur

  • Het dictaat.
  • Overzicht van related work.
  • Suggesties voor further reading.

Vakcode
NWI-IBC020
Studiepunten
3 ec
Periode
tweede kwartaal
Collegerooster opvragen
SWS / PersoonlijkRooster

Docent

Opgenomen in